Toren Anna van Buerenplein

Hoogbouw vertelt altijd een verhaal van ambities, is haast synoniem aan ‘stad’ en zal daarom steeds is de context van stedenbouw en samenleving bekeken moeten worden. Op stedenbouwkundige schaal is het grondoppervlakte bescheiden, echter in de derde dimensie is hoogbouw zeer bepalend voor de uitstraling van de stad.
De relatief hoge dichtheid van programma zorgt ook voor een extra accent op de infrastructuur van een stad.
De meeste hoogbouw heeft een kantoor functie. Echter indien de stad – en vooral het centrum – een woonfunctie wil behouden is het essentieel om ook de mogelijkheden van wonen in hoogbouw te benutten. Deze woningen zullen meer moeten bieden dan een stapeling van standaardflats binnen een anonieme repetitie. In dit voorstel gaat het om de introductie van een andere wooncultuur. Een cultuur die wij aanduiden met het ‘luchtgebonden wonen’ en die een volwaardig alternatief moet kunnen zijn voor het zogenaamde grondgebonden wonen.
Met de aanpak van het CS-kwadrant waar deze toren aan het Anna van Buerenplein deel van uitmaakt wordt Den Haag een mogelijkheid gegeven om zich weer als een bijzondere woonstad te profileren. Een woonstad met een rijke en gedifferentieerde wooncultuur variërend van laagbouw tot hoogbouw, van vinex wijken tot wonen in het (nieuwe) centrum. Een traditie die in het begin van vorige eeuw is ingezet met de zogenaamde woonhotels waarin het wooncomfort een centrale rol speelde.
Op loopafstand van de beroemde Nirvanaflat van Duiker, kan aan het Anna van Buerenplein dit wooncomfort in 131 meter hoogbouw in de 21 eeuw weer op de kaart worden gezet.

Op stedenbouwkundige schaal is de toren eenvoudig van opzet: een sokkel van 15 meter volgt het trace van de trambaan, daarboven een toren die zich naar boven verjongt. Binnen de skyline van Den Haag heeft deze toren een duidelijk herkenbaar profiel en zal als een landmark voor de stad dienen.
De U-vormige opzet van de plattegrond opent zich naar de zee. Deze oriëntatie op de zee is vanuit de hele stad waarneembaar. Gelijk de stedenbouwkundige opzet van het gehele CS-kwadrant bevestigt de oriëntatie van de toren een heel specifiek Haags aspect: de geomorfologische achtergrond van de orthogonale structuur van deze stad.
Voor deze toren is gekozen voor de opzet van ‘luchtgebonden woningen’: gestapelde villa’s, met een penthouse-achtig karakter, die een volwaardige concurrent moeten zijn van de grondgebonden woningen.
Om de toren een transparant uiterlijk te geven is aan de zuidkant een dubbele gevel gemaakt . Hierdoor ontstaan er beglaasde terrassen. Door aan de voorzijde twee constructieve ‘pilonen’ te maken kan ook deze gevel heel transparant uitgevoerd worden. Aan deze gevel kragen in verschillende configuraties volumen uit. Deze volumen bevatten deels beglaasde buitenruimten en deels dubbel hoge woonvertrekken met vides zodat men optimaal kan genieten van een panoramisch zicht over de stad en zee (mooi aangelicht met de zon in de rug). Dit levert niet alleen ‘hoogwaardige’ woningen op maar tevens manifesteert de toren zich duidelijk als woontoren.
De verdiepingen kunnen naar keuze in verschillende appartementen worden opgedeeld. Door de flexibele opzet kunnen deze lege woonruimten (gelijk lofts) op maat ingedeeld worden. In de onderste lagen zijn maximaal vier appartementen mogelijk. Naar boven verjongt de toren zich en zullen de woningen groter worden. Er kan dan een keuze gemaakt worden tussen twee appartementen per laag of twee maisonnettes per twee lagen of 1 flat over de hele verdieping.

Zie ook
Architectenweb